Kinderen van de kolonie.

Canvas Serie - Open brief naar Canvas en voor de kinderen van de kolonie

Lettre ouverte a Canvas concernant l'émission de canvas les enfants de la colonie.

Een open brief voorgesteld door Emily Beauvent

Open brief aan de getuigen van de uitzending “Kinderen van de kolonië” op Canvas, november 2018. In mijn opmerkingen zal ik mij houden aan het thema “KINDEREN” en mij onthouden van elke politieke overweging

Het is in enkele uren onmogelijk deze periode van de 20e eeuw te analyseren. Bijgevolg kan men niet anders dan een gezichtspunt vertolken, als men al niet bezwijkt voor de heersende opinie of kijkcijfers.  
Enkele getuigen waren geen “kinderen” ten tijde van de kolonie, ze waren volwassenen of geboren na 1960.
Als één van de getuigen, wil ik enkele opmerkingen geven na het zien van de eerste twee uitzendingen. Ik ben slechts wat confetti in dit immens grote land en slechts een enkel minuutje in de chronologie van de Belgische kolonie in Centraal Afrika.

Ik woonde in Elisabethville/Lubumbashi van 1950 tot 1975. Mijn vader was bediende bij de UMHK en mijn moeder (ja, zij werkte!) was secretaresse bij dezelfde maatschappij. Ik was 15 in december 1960 en mijn kindertijd is gestopt tijdens de “oorlog van de UNO” in Katanga.

In de uitzending, komen enkel aan bod zij die wij (zwart en wit) de «bwana mukubwa» noemden. Men spreekt steeds van de administratie, de zendelingen, de firmabazen… maw een minderheid.

Nooit komen de “kleine blanken” aan bod die er werkten en van dit land hielden. Na de uitzendingen kreeg ik veel berichten van kinderen van deze “kleine blanken”, de meerderheid van Europeanen in Congo die hun vader steeds aan het werk zagen!

Ter herinnering, er waren in juni 1960 in Congo ongeveer 115.157 Europeanen waarvan 87.736 Belgen, vrouwen en kinderen inbegrepen, voor een gebied zo groot als West-Europa, van Denemarken tot Italië, van Frankrijk tot Polen. Ik kan mij niet voorstellen hoe ze erin geslaagd zijn om zoveel Congolezen te terroriseren en te martelen.

NOOIT heb ik in mijn omgeving iemand gezien die een Congolees sloeg. Dit sluit natuurlijk niet uit dat dit op andere plaatsen wel gebeurde. In het milieu waar ik vertoefde, was er geen kritiek op Vlamingen. Als kind heb ik nooit dergelijk gedrag meegemaakt. Vlaamse vrienden van mijn ouders kozen mijn moeder als meter voor hun dochter Annie.

De getuige Titine had meerdere boys! Haar minachting ging zover te zeggen dat deze haar en haar omgeving als goden beschouwden.

Een enkele man, Robert MESSALA, werkte bij mijn ouders. Af en toe kwam er een tuinier het onderhoud van de tuin doen, wat hij ook bij anderen deed. Robert was onze Baba, onze Congolese vader. Mijn zus en ik moesten hem eerbiedigen en gehoorzamen. Op het einde van haar leven, toen moeder haar zinnen stilaan begon te verliezen, vroeg ze regelmatig of er nieuws was van Robert. Maar ik kan nog uren over Robert vertellen. Geen enkele kindersouvenir is weerhouden in de uitzendingen.

Mama heeft nooit een « tchitchi boy » gehad. Wanneer ze naar de beenhouwer en de zaterdagmarkt ging vroeg ze steeds aan Robert wat hij nodig had. Paternalisme hoor ik u zeggen, maar in GEEN GEVAL racisme of apartheid! Mijn ouders hebben ook gezorgd voor de opvoeding van zijn kinderen. Zo is Eugène typograaf geworden en Pierre onderwijzer.

Ik heb ook het geluk gehad dat mijn moeder werkte. Ik heb vele namiddagen gekend vol avonturen ten koste van mijn huiswerk. Blootsvoets samen met Lambert en Eugène leerde ik Swahili, kroop ik in de bomen, at ik termieten, groene mango’s, bukari en saus met mijn vingers…

De jonge vrouwelijke getuige (geboren in 1990 !!) veroordeelde het klein aantal universitairen in 1960. Een andere getuige sprak over de lastige taken van de Congolese arbeider.

In Europa op hetzelfde tijdstip zagen de kinderen en de mijnwerkers in de putten ook af. Gelukkig dat het paternalisme van de families Boch, Warocqué of Boël voor hun werklieden zorgde.
Waren er in het noorden van Frankrijk ook geen "corons (01 arbeiderswijken) " ? “Zij waren wijken met eengezinswoningen met een klein tuintje achteraan. Deze werkmanswoningen waren eigendom van de grote industriële groepen die deze werkmensen gebruikten. Deze wijken lagen in de onmiddellijke omgeving van de fabrieken”. Deze beschrijving komt overeen met de “cité indigène” van Lubumbashi!

Om de sociale evolutie te illustreren, een klein familiaal voorbeeld. Eind XIX eeuw, trok mijn overgrootmoeder, weduwe met 6 kinderen, boten langs het kanaal van La Louvière met een koord en sprokkelde ze houtskool. Ze kon noch lezen noch schrijven. Vier generaties later in 1960 waren we met 7 neven en nichten, alle afstammelingen van deze vrouw maar slechts 1 van hen was universitair.

In verband met de minachting voor de Congolese TRADITIES. In 1956 op de schoolbanken van de IMJ Elisabethstad heb ik de “koper-eters” leren kennen. Als kind dreigde Baba Robert me met de Kifwebe (02 masker)
Men mag ook niet de talrijke publicaties, boekjes, foto’s en privé initiatieven verwaarlozen die de tradities uitleggen, proberen te begrijpen en getuigen van de interesse voor de cultuur.

Geen politieke partijen voor de Congolezen… Mijn beide ouders waren weerstanders tijdens de oorlog ‘40-‘45. Maar bij hun aankomst in Congo hebben zij hun stemrecht verloren in België en waren er voor hen ook geen politieke partijen.

De Congolezen mochten zich niet verplaatsen van een stad naar een andere zonder controle. Dit is waar! “De hel is geplaveid met goede voornemens. “ Men moest vermijden dat de dorpen leegliepen door een vlucht naar de stad…

De afschuwelijke buitenwijken van de huidige steden getuigen van deze kankervlekken. Men is er de gevangene van een stedelijk model waar men zijn roots verliest, zijn autonomie… Maar hoe dit voorkomen?

In Elisabethstad oefende de maatschappij waar mijn ouders werkten een totale controle uit over hun leven zowel professioneel als privé. Men werd gecatalogeerd naargelang zijn graad op het werk. De diensthoofden mochten met hun ondergeschikt personeel niet omgaan. Ik herinner mij een moeder die haar dochter Anne verbood om te gaan met een klasgenote Nicole omdat haar vader een blanke werkman was.

De blanke werkmannen woonden ook niet in dezelfde wijken als de blanke bedienden. Het is dan ook niet verwonderlijk dat er een scheiding bestond tussen de blanken en de Congolezen. Er bestond gewoonweg een verschrikkelijke professionele en sociale segregatie, zowel voor blanken als voor zwarten.

Een getuige verwijt de Belgen dat Congolezen in katholieke internaten alle dagen naar de mis moesten gaan voor de lessen! Dat was ook het geval voor ALLE internen, blanken, Aziaten, Christenen, Atheïsten, Joden… Dit is geen probleem van de kolonie; dit bestaat over heel de wereld, nu nog!! Dit is een verwijt dat men aan het Vatikaan moet doen.

De kolonie had een economisch doel… dit is nogal evident. Wat belangrijk is, is de positieve return voor de regio. Er is GEEN enkel land in de geschiedenis dat verlieslatend investeert. Wat brengt de huidige Chinese kolonisatie als compensatie? Hoe staan zij tegenover de kinderarbeid in de Congolese mijnen? Dit is een noodzakelijk en dringend strijdpunt.

In Belgisch Congo werd de lokale belasting (3% van de fiscale inkomsten van Congo) opnieuw belegd om het land op te bouwen. De lokale stamhoofden organiseerden dit.

Indien er zich gebruiksvoorwerpen of kunstvoorwerpen in Europese musea bevinden, dan is dat omdat Europeanen die interessant of mooi hebben gevonden. Pas op! Ze zijn niet allemaal gestolen of geplunderd maar meestal gegeven of gerecupereerd. Ze zijn in de musea omdat ze niet zijn verkocht bij Sotheby’s of anderen om er “poen mee te scheppen”. Na de onafhankelijkheid hebben vele coöperanten van alle nationaliteiten tonnen voorwerpen bemachtigd tegen schandalig lage prijzen of door corruptie. Zal men hen ook vragen om deze terug te geven?

 Lévy-Straus, etnoloog, of Samuel Glotz, folklorist, zullen u beter uitleggen wat deze traditionele kunstvoorwerpen betekenen. Een voorbeeld: voor de betrokken volkeren hebben maskers geen waarde zolang ze niet gedragen zijn. Hij die het draagt, moet anoniem blijven zodat de Geesten zich kunnen manifesteren. De maskers zijn de tussenpersonen opdat de onzichtbare opperkrachten zich beter kunnen materialiseren. Een oud beschadigd masker wordt ingeruild voor een nieuwer exemplaar. Dit is UNIVERSEEL en TIJDLOOS en niet enkel bij de Congolezen. Een museum is een plaats van ONTMOETING en niet van wraakzucht!

Wanneer een blanke (die de plicht had om 20 dagen per maand een gebied te doorkruisen dat hem toevertrouwd was), gans alleen in een dorp moest logeren, werd hem onderdak aangeboden. En het gebeurde dat het dorpshoofd hem een vrouw aanbood om de nacht mee door te brengen. Dit was om de gast te eren. Deze gewoonte mag men niet zomaar minachten. Dit gebeurt in vele werelddelen. Sommige blanken hebben dit aanvaard, anderen geweigerd en nog anderen hebben daar misbruik van gemaakt. De Franse professor Jean Malaurie (auteur van «Rois de Thulé») heeft mij toevertrouwd dat dit bij de Eskimo’s een gewoonte is waaraan men moeilijk kan ontsnappen.
Als VROUW ben ik dan ook geschandaliseerd door de glimlach van de getuige Titine die de verkrachtingen van juli 1960 rechtvaardigt door te zeggen dat deze het gevolg zijn van deze gewoonten. NIETS RECHTVAARDIGT VERKRACHTINGEN. Dat ze de vrouwen van de Kivu ondervraagt die dokter Mukwege heeft “hersteld”. Menige vrouwen van alle leeftijden en “alle kleur” hebben mij gecontacteerd om hun gevoel van misselijkheid te uiten over deze uitspraak.

Mijn grootste kritiek als kind ten opzichte van de kolonie is te weinig Congolese schoolkameraden gehad te hebben. Gelukkig is dit veranderd bij de oprichting van Katanga waar zich een “regenboog”-gemeenschap aan het vormen was. Ik denk hier aan Crispin Lwambwa, David Mutamba, François Kamwanga etc.

Een van de mooiste complimenten die men mij gemaakt heeft in Brussel was deze van een Congolese leerling uit de diaspora : “Mevrouw Beauvent on lui fout la paix ! Elle nous comprend car elle est blanche à l’extérieur mais noire à l’intérieur”.

Wat ook de getuigenissen van de Congolese getuigen zijn, ik blijf mijn leven lang fier om een kind van Congo te zijn. Het zijn mijn roots, mijn vreugde en mijn verdriet. Ik ben er opgegroeid, ik heb er gestudeerd, ik ben er getrouwd, ik heb er mijn twee kinderen gehad en ik heb er les gegeven… Ik heb nooit te lijden gehad van Congolezen, zelfs niet na de onafhankelijjkheid en ik geloof ook dat zij niet te lijden hadden van mijn ouders en mij.

Om te besluiten, er is een Landru in Frankrijk geweest en een Dutroux in België… Dit zegt niet dat alle Fransen hun vrouwen verbranden en dat alle Belgen hun meisjes vermoorden. De kolonisatie is een historisch terugkerend fenomeen! Geen kwestie om haar te rechtvaardigen maar wel te analyseren met zorg voor historische kritiek gebaseerd op feiten en documenten. De sociale netwerken en “fake news” manipuleren honderden mensen die niets verifiëren.
Zei La Fontaine niet (fable IX, 6) : « L’homme est de glace aux vérités ; il est de feu pour les mensonges »

© Emily Beauvent

Met dank aan Pierre van Cleven voor de spontane vertaling van deze tekst .

01 "Corons" Frans woord voor een arbeiderswijk is een wijk waar voornamelijk gezinnen uit de arbeidersklasse zich vestigden. Arbeiderswijken werden soms speciaal gebouwd voor deze doelgroep door gemeenten, bouwmaatschappijen, speculanten of woningbouwverenigingen zonder winstoogmerk. Sommige fabrikanten lieten voor hun eigen arbeiders woningen bouwen. Woningen die speciaal werden gebouwd voor de verhuur aan arbeiders noemde men arbeiderswoningen. In andere gevallen hebben mensen uit de arbeidersklasse in de loop der tijd de overhand gekregen in bestaande wijken. In de volksmond zijn dergelijke wijken ook arbeiderswijken gaan heten.

02 Kifwebe (maskers) hoorden toe aan bwadi bwa kifwebe, een mannengenootschap bij de Songye. De leden ervan hadden de reputatie over magische krachten te beschikken. Ze oefenden sociale en politieke controle uit over de bevolking om de bestuurselite aan de macht te houden, maar ook om eventueel machtsmisbruik van chefs tegen te gaan. Vroeger namen de maskers deel aan vele belangrijke manifestaties, zoals de inhuldiging en de begrafenis van de chef, de begrafenis van leden van het genootschap of de initiatie van jonge mannen. Mannelijke exemplaren, zoals dit hier, zijn polychroom en hebben een van voren naar achteren lopende kam. Hun vrouwelijke tegenhangers zijn bijna volledig witgekleurd. (bron KMMA)

  

Emily Beauvent 

SiteLock
share this - partager le site - deel dit document

About Us | Contact | Privacy | Copyright |  Agenda
Ook op het internet gelden de auteursrechten. Werken die auteursrechtelijk beschermd zijn, zoals tekeningen, foto's, muziek, film en software, mag u niet verspreiden via het internet zonder de uitdrukkelijke toestemming van de auteur. Delcol Martine